Naar hoofdinhoud
1.. Als categorieën woonruimte als bedoeld in artikel 11 van de Huisvestingswet worden aangewezen de categorieën woonruimten beschreven in kolom 1 van de in het tweede lid opgenomen tabel. 2.. Bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor woonruimte die behoort tot een in kolom 1 genoemde categorie woonruimten wordt voorrang gegeven aan de categorieën woningzoekenden genoemd in kolom 2 achter de desbetreffende categorie woonruimte Kolom 1: Categorie woonruimte ( labels ) Kolom 2: Categorie woningzoekenden (voorrangsgroepen) Seniorenwoning huishoudens waarvan ten minste één persoon een leeftijd heeft van ten minste 55 jaar Jongerenwoning met een rekenhuur tot € 432,51 (prijspeil 2020) huishoudens waarvan alle volwassen personen een leeftijd hebben van ten minste 18 en ten hoogste 22 jaar en geen student zijn Jongerenwoning met een rekenhuur vanaf € 432,51 (prijspeil 2020) huishoudens waarvan alle volwassen personen een leeftijd hebben van ten minste 23 en ten hoogste 27 jaar en geen student zijn Woonruimte in het bijzonder geschikt voor de huisvesting van personen met medische beperkingen huishoudens in het bezit van een urgentieverklaring welke deze categorie woonruimten in het zoekprofiel noemt vanwege medische beperkingen, huishoudens in het bezit van een beschikking van de gemeente Amsterdam voor tegemoetkoming in de verhuiskosten op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning met een indicatie voor deze woonruimte of huishoudens waarvan ten minste één persoon de leeftijd van 65 jaar of ouder heeft bereikt Rolstoelwoning huishoudens in het bezit van een beschikking van de gemeente Amsterdam voor tegemoetkoming in de verhuiskosten op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning met een indicatie voor een rolstoelwoning Jongerenwoning in een in bijlage 1a aangewezen gemengd wooncomplex statushouders en personen met een leeftijd van ten hoogste 27 jaar die gemotiveerd zijn ondersteuning te bieden aan de in het gemengde wooncomplex wonende doelgroep Woonruimte met drie of meer kamers en ten minste een woonoppervlak van 61 vierkante meter huishoudens met één of twee minderjarige kinderen Woonruimte met vier of meer kamers en ten minste een woonoppervlak van 70 vierkante meter huishoudens met drie of meer minderjarige kinderen 3.. De bedragen in het tweede lid, kolom 1, worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de jaarmutatie van de consumentenprijsindex alle huishoudens, zoals het Centraal Bureau voor de Statistiek jaarlijks in januari publiceert over het voorafgaande kalenderjaar.

Rechtspraak bij dit artikel