Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 5

Artikel 2.5.4

Inschrijflijst voor de voorrangsregeling beroepsgroepen en latere beoordeling voor bemiddelingslijst

Onderdeel van Huisvestingsverordening Amsterdam 2020

1. . Woningzoekenden dienen zich digitaal in te schrijven bij WoningNet en via het portaal Urgentiewijzer gemeente Amsterdam in te schrijven voor de voorrangsregeling beroepsgroepen. 2. . Voor een inschrijving voor de voorrangsregeling beroepsgroepen dient woningzoekende te voldoen aan de criteria in artikel 2.5.3, vijfde tot en met zevende lid, en dienen de volgende bescheiden te worden overlegd: een verklaring van woningzoekende dat hij of zij voldoet aan de criteria in artikel 2.5.3, vijfde tot en met zevende lid; en, de verklaring van de werkgever als bedoeld in artikel 2.5.3, zesde lid, onderdeel b. 3. . Burgemeester en wethouders kunnen nadere gegevens en bescheiden verlangen voor een inschrijving bedoeld in het eerste lid en kunnen een te hanteren formulier vaststellen voor inschrijfverzoeken. 4. . Op basis van datum van inschrijving voor de voorrangsregeling beroepsgroepen worden kandidaten door burgemeester en wethouders beoordeeld voor uiteindelijke bemiddeling naar een passende woning, waarbij degene die zich eerder heeft ingeschreven eerder wordt beoordeeld. Op het moment van de beoordeling voor deze zogenoemde bemiddelingsstatus wordt getoetst of de woningzoekende op dat moment voldoet aan de criteria in artikel 2.5.3, vijfde tot en met zevende lid. Kandidaten die met inachtneming van het zesde lid aan de beurt zijn worden schriftelijk uitgenodigd de gegevens te verstrekken die nodig zijn voor de beoordeling. 5. . Op het moment van de beoordeling voor bemiddelingsstatus bedoeld in het vierde lid dient de woningzoekende opnieuw gegevens te verstrekken om aan te tonen dat aan de criteria in artikel 2.5.3, vijfde tot en met achtste lid, wordt voldaan. 6. . Kandidaten met een bemiddelingsstatus komen op de bemiddelingslijst waarbinnen op grond van wachttijd en passendheid woonruimten worden aangeboden en huisvestingsvergunningen worden verleend voor woonruimten als bedoeld in artikel 2.5.3, eerste en tweede lid. 7. . Burgemeester en wethouders kunnen bepalen hoeveel kandidaten nodig zijn om te beoordelen voor de bemiddelingslijst om doelmatig en passend woonruimten te kunnen bemiddelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel