Een ontheffing of vergunning als bedoeld in artikel 3.11.2 en 3.11.3 bevatten ten minste de volgende gegevens:
de woonruimte waarop de beschikking betrekking heeft, aangeduid met het adres of de kadastrale ligging van de woonruimte;
de naam van de eigenaar(s) van de woonruimte, tevens ontheffing- of vergunninghouder(s); en,
de vorm van in gebruik geven waarvoor de ontheffing of vergunning is verleend en de mededeling dat deze vergunning of vergunning alleen geldend blijft, mits en zolang deze vorm wordt gehanteerd en voortduurt.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 6 › Paragraaf 7 › Paragraaf 12
Artikel 3.12.4
Beschikkingsvereisten
Onderdeel van Huisvestingsverordening Amsterdam 2020