1. Het college vordert de vorderingen op volgorde van ontstaansdatum in, zolang de belanghebbende geen verzoek heeft gedaan op grond van artikel 4:92, tweede lid, Awb.
2. Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, vindt de invordering van een bestuurlijke boete bij voorrang plaats.
3. Het college wijkt af van het gestelde in het tweede lid:
a. bij beslaglegging door een derde schuldeiser. In dat geval vordert het college eerst de openstaande vordering in;
b. als het mogelijk is brutering van de vordering te voorkomen, door eerst de openstaande vordering in te vorderen.
Hoofdstuk 6: › Paragraaf 6.3:
Artikel 6:6:
Volgorde van invordering
Onderdeel van Verzamelbesluit beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ Gemeente Oisterwijk 2020