1. Geen recht op bijstand heeft een persoon, jonger dan 27 jaar, uit wiens houding en gedragingen ondubbelzinnig blijkt dat hij de verplichtingen, bedoeld in artikel 9, eerste lid, of artikel 55 PW niet wil nakomen. Hieronder verstaat het college in ieder geval:
a. de belanghebbende verricht geen sollicitaties tijdens de inspanningsperiode óf verricht geen sollicitaties gedurende de periode van één maand als het een lopende uitkering betreft;
b. de belanghebbende verschijnt meer dan één keer binnen een maand zonder afmelding niet op een afspraak in het kader van een verplichting op grond van artikel 9, eerste lid, of artikel 55 PW;
c. de belanghebbende is niet bereid een tegenprestatie naar vermogen te verrichten;
d. de belanghebbende is niet bereid deel te nemen aan een re-integratietraject;
e. de belanghebbende verschijnt niet bij de informatiebijeenkomst, alwaar hij dient te verschijnen in het kader van zijn uitkeringsaanvraag.
2. Als de jongere is vrijgesteld van één van de verplichtingen zoals beschreven onder het eerste lid, dan leidt het niet voldoen vanzelfsprekend niet tot toepassing van artikel 13, tweede lid, onderdeel d, PW.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.1:
Artikel 3:5
Uitsluiting op grond van artikel 13, tweede lid, onderdeel d, PW
Onderdeel van Verzamelbesluit beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ Gemeente Oisterwijk 2020