1. Wanneer het college geen of geen tijdige actie onderneemt bij het terugvorderen en invorderen van onverschuldigd betaalde bijstand, verjaart de betalingsverplichting van de schuldenaar na 5 jaar.
2. Stuiting wil zeggen dat de gemeente of betrokkene iets doet waardoor de verjaring stopt.
Stuiting van de verjaring is mogelijk door:
a. een daad van rechtsvervolging;
b. erkenning van het “recht” op betaling door cliënt;
c. aanmaning;
d. Verrekeningsbeschikking;
e. Dwangbevel of ten uitvoering van het dwangbevel;
f. Aanmaning of mededeling waarin ondubbelzinnig recht op betaling wordt voorbehouden.
3. Verjaring beperkt niet de mogelijkheid tot verrekening;
4. Door stuiting volgt een nieuwe verjaringstermijn van 5 jaar;
5. Stuiting breekt een lopende verjaring af;
6. Uit de stuitingshandeling moet blijken op welke vordering(en) de stuitingshandeling precies ziet;
7. Als er meerdere schuldenaren hoofdelijk aansprakelijk zijn op grond van art. 59 lid 4 PW, dan is er sprake van meerdere afzonderlijke vorderingen. Deze vorderingen dienen apart te worden gestuit.
8. Verlenging van de verjaringstermijn vindt plaats:
a. gedurende uitstel van betaling;
b. ingeval van faillissement;
c. door toelating tot de WSNP;
d. bij surseance van betaling;
e. bij uitvoering van het dwangbevel.
Hoofdstuk 6: › Paragraaf 6.3:
Artikel 6:13
Verjaring en stuiting
Onderdeel van Verzamelbesluit beleidsregels Participatiewet, IOAW, IOAZ en BBZ Gemeente Oisterwijk 2020