Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.1

Berekening kostprijs

Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Meierijstad 2020 e.v.

De kostprijs van een maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woning- of autoaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling van de voorziening (bruikleen, huur of eigendom). Indien de maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woning- of autoaanpassing wordt gehuurd dan wordt er geen kostprijs berekend, maar geldt de eigen bijdrage van € 19,- per maand zolang de klant gebruik maakt van de maatwerkvoorziening. Indien de maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woning- of autoaanpassing bruikleen of eigendom wordt dan is de kostprijsberekening als volgt: Kostprijs van een traplift is de factuurprijs plus jaarlijkse onderhoud gedurende gemiddelde levensduur van 7 jaar plus 10% van de factuurprijs voor onvoorziene kosten, zoals reparaties, vervanging en schade gedurende gemiddelde levensduur van 7 jaar. Kostprijs van een woningaanpassing is de factuurprijs en de kosten van het bouwkundig advies van Chambers, indien de woningaanpassing wordt toegekend. Kostprijs van een autoaanpassing is de factuurprijs plus eventuele verzekeringskosten. Kostprijs voor vervoersvoorzieningen, anders dan Regiotaxi, is de factuurprijs plus jaarlijks onderhoud gedurende gemiddelde levensduur van 6 jaar plus 10% van de factuurprijs voor onvoorziene kosten, zoals reparaties, vervanging en schade gedurende gemiddelde levensduur van 6 jaar. Kostprijs voor inrichtings- en verhuiskosten is factuurprijs, in de vorm van een declaratie, en bedraagt maximaal € 2.500,--. De kostprijs voor de niet in lid 3 genoemde voorzieningen is bij de verstrekking van een voorziening in natura gelijk aan de prijs waarvoor de gemeente de voorziening in natura betrekt van een leverancier/aanbieder, inclusief eventuele verzekering-, reparatie- en onderhoudskosten. Klanten met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, krijgen wel een eigen bijdrage (fictief) opgelegd door het Centraal Administratie Kantoor doch deze wordt in opdracht van de gemeente niet geïnd. Definitie inkomen: het bijdrageplichtig inkomen: verzamelinkomen van twee jaar geleden + 8% van de grondslag sparen en beleggen van dat jaar (conform het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015). Voor 2020 gelden de volgende inkomensgrenzen voor dit minimabeleid: Gezinssamenstelling Inkomensgrens Eenpersoonshuishouden jonger dan 65 jaar € 21.444 Eenpersoonshuishouden, ouder dan 65 jaar € 16.383 Meerpersoonshuishouden, jonger dan 65 jaar € 35.974 (overeenkomstig landelijke maatregel) Meerpersoonshuishouden, 65 jaar en ouder € 22.620

Rechtspraak bij dit artikel