De Algemene Verordening gegevensbescherming (AVG) vormt het algemeen kader voor de verwerking van persoonsgegevens. De verplichting tot beveiliging van persoonsgegevens is geregeld in artikel 5, lid onder f van de AVG.
De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) kan de verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens, bij gemeenten het college van B&W of de burgemeester, aanspreken op het niveau van de maatregelen ter beveiliging van de verwerking van persoonsgegevens, en op de wijze waarop het stelsel van maatregelen is geïmplementeerd en wordt nageleefd.
Buiten het algemeen kader van de AVG dient het college van B&W ook rekening te houden met de beveiligingseisen die andere wetten stellen, zoals dat voor dit plan zijn de Wet BRP, de Paspoortwet en het Reglement Rijbewijzen. Voor dit plan is relevant dat de AVG niet van toepassing is, voor wat betreft de verwerking van persoonsgegevens in de BRP. De beveiliging van de BRP is geregeld bij en krachtens de Wet BRP.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.4
Wettelijk kader verwerking persoonsgegevens
Onderdeel van Informatiebeveiligingsplan BRP en waardedocumenten