Het op schrift stellen van de—in de praktijk van alledag al ingeburgerde—beveiligingsprocedures is noodzakelijk om objectief te kunnen bepalen of de BRP-bestanden en bepaalde processen voldoen aan de eisen van beschikbaarheid (continuïteit), integriteit (betrouwbaarheid), vertrouwelijkheid (exclusiviteit) en controleerbaarheid.
De gemeente moet op grond van de Wet BRP de beveiligingsmaatregelen nemen die die wet voorschrijft. Als grondslag voor het beveiligingsplan op het onderdeel BRP zijn de artikelen 1.10 en 1.11 Wet BRP van belang.
Artikel 1.10 bepaalt dat de beveiligingsmaatregelen BRP bij of krachtens Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) worden geregeld (het Besluit BRP). Artikel 1.11 draagt het college van B&W op om zich aan die maatregelen te houden.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.1.
Verplichtingen vanuit de BRP
Onderdeel van Informatiebeveiligingsplan BRP en waardedocumenten