Naar hoofdinhoud
1. . Het mandaat betreft het horen van de betrokkene bij een crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:1, lid 3, onder b, van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. 2. . De uitoefening van de bevoegdheid bestaat uit het (telefonisch) horen van de betrokkene en het vastleggen van het hoorverslag in het registratie- en communicatiesysteem verplichte zorg dat door het Ministerie van Justitie is aangewezen. 3. . De uitoefening van de bevoegdheden vindt plaats  volgens de wettelijke kaders.Voor de uitoefening van de bevoegdheden wordt een verwerkersovereenkomst afgesloten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel