3.1 U gaat binnen en buiten uw werk zorgvuldig om met persoonlijke gegevens van burgers, bedrijven en instellingen.
3.2 U registreert alleen persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor het doel waartoe u deze gegevens verkrijgt. Persoonsgegevens die wellicht bruikbaar kunnen zijn, mag u dus niet registreren.
3.3 U verifieert de naam-, adres- en woonplaatsgegevens van burgers en collega’s door middel van de Basisregistratie Personen (BPR) of een geldig identiteitsbewijs.
3.4 U bewaart persoonsgegevens alleen zolang noodzakelijk is in het kader van het doel van de verwerking, tenzij een wettelijke bewaarplicht van toepassing is.
3.5 U zorgt ervoor dat stukken met persoonsgegevens, zowel op uw werkplek als op uw computer, zoveel mogelijk direct na gebruik worden opgeborgen/afgesloten en veilig zijn opgeborgen als u uw werkplek verlaat.
3.6 U gaat zorgvuldig om met bijzondere persoonsgegevens zoals bedoeld in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) over iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, strafrechtelijke verleden, seksuele leven of lidmaatschap van een vereniging.
3.7 U gaat zorgvuldig om met kennis over personen die u gewild dan wel ongewild hebt opgedaan.
3.8 U mag persoonsgegevens uitsluitend aan derden verstrekken indien u vooraf kunt vaststellen dat de betreffende partij aanspraak kan maken op deze gegevens.
Bijvoorbeeld de arbodienst op grond van een getekende overeenkomst in het kader van de advisering en ondersteuning bij de begeleiding van zieke medewerkers.
Hoofdstuk
Artikel 3.
Vertrouwelijk omgaan met persoonsgegevens
Onderdeel van Gedragscode voor ambtenaren bij Gemeente Alphen aan den Rijn