Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2.1

Wat valt wel onder deze Reclamenota?

Onderdeel van Reclamenota 2019

Reclame-uitingen worden gereguleerd door de Wabo en Apv. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Indien een reclame-uiting is aan te merken als een bouwwerk, is daarvoor een omgevingsvergunning vereist (artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, Wabo). Het maakt daarin niet uit of het bouwwerk op eigen terrein of op gemeentegrond komt te staan. Voorbeelden van bouwwerken op het gebied van reclame zijn reclamemasten en billboards. De bouwaanvraag moet onder meer getoetst worden aan artikel 2.10, eerste lid, onder d van de Wabo. Op grond van die bepaling wordt een omgevingsvergunning voor het bouwen geweigerd, indien het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, in strijd is met redelijke eisen van welstand, beoordeeld naar de criteria, bedoeld in artikel 12a, eerste lid, onder a van de Woningwet, tenzij het bevoegd gezag van oordeel is dat de omgevingsvergunning niettemin moet worden verleend. Op grond van artikel 12a, eerste lid van de Woningwet stelt de gemeenteraad een welstandsnota vast, inhoudende beleidsregels waarin de criteria zijn opgenomen die het bevoegd gezag toepast bij de beoordeling: of het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk waarop de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk betrekking heeft, zowel op zichzelf beschouwd, als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, in strijd zijn met de redelijke eisen van welstand; of het uiterlijk van een bestaand bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand. De gemeenteraad van Zoetermeer heeft in april 2012 de Welstandsnota Zoetermeer vastgesteld, waarin bedoelde criteria zijn vastgelegd, gespecificeerd naar gebied, en naar aard van het bouwwerk. Deze Welstandsnota bevat geen criteria die specifiek zien op reclame-uitingen. Deze Reclamenota regelt daarom in aanvulling op de Welstandsnota 2012 specifieke criteria, bedoeld in artikel 12a, eerste lid, onder a van de Woningwet, voor de beoordeling van reclame-uitingen die op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, Wabo (bouw)vergunningplichtig zijn. Deze criteria staan in de paragraaf [3.4] van deze Reclamenota. Algemene plaatselijke verordening Zoetermeer Niet alle reclame-uitingen zijn aan te merken als een bouwwerk. Omdat ook dat soort ‘niet-bouwvergunningplichtige’ reclames ontsierend of hinderlijk kunnen zijn, is daaromtrent in de Apv een regeling getroffen. Op grond van artikel 4:16 van de Apv is het verboden op of aan een onroerende zaak handelsreclame te maken of te voeren door middel van een opschrift, aankondiging of afbeelding waardoor: het verkeer in gevaar wordt gebracht; hinder ontstaat voor de omgeving; of wat ontsierend of hinderlijk is gelet op het door de raad vastgestelde beleid. Paragraaf [3.3] van deze Reclamenota bevat het beleid, waarnaar in artikel 4:16 Apv wordt verwezen. Als een reclame-uiting niet vergunningplichtig is op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, Wabo én voldoet aan paragraaf [3.3] van deze nota, is deze reclame-uiting niet in strijd met de Apv en mag zo’n uiting worden aangebracht. 1 Op dit moment geldt er één vergunningstelsel namelijk o.g.v. de Wabo. De Apv kent geen vergunningstelsel. Hier gaat het om een algemene regel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel