Naar hoofdinhoud
1. Rekening houdend met de stand van de techniek, de uitvoeringskosten, alsook met de aard, de omvang, de context en de verwerkingsdoeleinden en de qua waarschijnlijkheid en ernst uiteenlopende risico's voor de rechten en vrijheden van personen, treffen de verwerkingsverantwoordelijke en de verwerker passende technische en organisatorische maatregelen om een op het risico afgestemd beveiligingsniveau te waarborgen, die, waar passend, onder meer het volgende omvatten: a) de pseudonimisering en versleuteling van persoonsgegevens; b) het vermogen om op permanente basis de vertrouwelijkheid, integriteit, beschikbaarheid en veerkracht van de verwerkingssystemen en diensten te garanderen; c) het vermogen om bij een fysiek of technisch incident de beschikbaarheid van en de toegang tot de persoonsgegevens tijdig te herstellen; d) een procedure voor het op gezette tijdstippen testen, beoordelen en evalueren van de doeltreffendheid van de technische en organisatorische maatregelen ter beveiliging van de verwerking. 2. Bij de beoordeling van het passende beveiligingsniveau wordt met name rekening gehouden met de verwerkingsrisico's, vooral als gevolg van de vernietiging, het verlies, de wijziging of de ongeoorloofde verstrekking van of ongeoorloofde toegang tot doorgezonden, opgeslagen of anderszins verwerkte gegevens, hetzij per ongeluk hetzij onrechtmatig. 3. Het aansluiten bij een goedgekeurde gedragscode als bedoeld in artikel 40 of een goedgekeurd certificeringsmechanisme als bedoeld in artikel 42 kan worden gebruikt als element om aan te tonen dat dat de in lid 1 van dit artikel bedoelde vereisten worden nageleefd. 4. De verwerkingsverantwoordelijke en de verwerker treffen maatregelen om ervoor te zorgen dat iedere natuurlijke persoon die handelt onder het gezag van de verwerkingsverantwoordelijke of van de verwerker en toegang heeft tot persoonsgegevens, deze slechts in opdracht van de verwerkingsverantwoordelijke verwerkt, tenzij hij daartoe Unierechtelijk of lidstaatrechtelijk is gehouden. Periodieke zelfevaluatie De in de beveiligingsrichtlijn voorgestelde beveiligingsmaatregelen en –procedures vormen voor eens per jaar het object van onderzoek, bij de door Wet BRP voorgeschreven zelfevaluatie BRP. De uitslagen van deze zelfevaluatie wordt door het college van B&W naar de Rijksdienst Identiteitsgegevens gezonden en openbaar gemaakt via de webapplicatie Kwaliteitsmonitor. De Kwaliteitsmonitor is ook voor de controle op de inhoudelijke kwaliteit van de gegevens. Onderzoek BRP gegevens De Rijksdienst voor Identiteitsgegevens voert periodiek inhoudelijke kwaliteitscontroles uit op de gegevens in de landelijke voorziening voor de BRP en stelt de resultaten van die controles beschikbaar via de Kwaliteitsmonitor. Elke gemeente kan de resultaten van het op haar betrekking hebbende onderdeel van de BRP in het onderdeel ‘monitor gegevens’ van de Kwaliteitsmonitor bekijken met behulp van een persoonlijke login. De gegevens in de BRP moeten voldoen aan de kwaliteitsnormen, welke op grond van artikel 47 Besluit BRP bij ministeriële regeling worden bepaald. Naast de kwaliteitscontroles van de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens voert de gegevensbeheerder BRP ook controlewerkzaamheden uit ter waarborging van de kwaliteit van de gegevens in de BRP. Dit is beschreven in de Regeling beheer en Toezicht BRP en in de procedures in het Handboek Informatieprocedures BRP. Onderzoek BRP processen Gemeenten moeten periodiek zelf onderzoeken of zij voldoen aan de eisen die de wetgever stelt op het gebied van beveiliging en privacy bij de uitvoering van de BRP-werkzaamheden. Deze controle voert de gemeente uit aan de hand van een digitale vragenlijst BRP die de Rijksdienst Identiteitsgegevens via de Kwaliteitsmonitor aan gemeenten beschikbaar stelt. De vragenlijst moet jaarlijks vóór 31 december definitief zijn ingevuld. De managementrapportage die de Kwaliteitsmonitor genereert na het definitief invullen van de vragenlijst, moet (eventueel aangevuld met de bevindingen van de gemeentecontroller en voorzien van een actieplan van de gemeente) ter kennisgeving aan het college van B en W worden gestuurd. Deze ondertekent de rapportage en stuurt deze vóór 14 februari aan de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens toe. Inwerkingtreding Deze regeling treedt inwerking met ingang van de dag na de dag van bekendmaking. Citeertitel Deze regeling kan worden aangehaald als: beveiligingsrichtlijn Basisregistratie Personen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel