De wet kent slecht één weigeringsgrond. Het college is bevoegd om een aanvraag om een maatwerkvoorziening te weigeren als de cliënt een indicatie heeft of kan krijgen tot de Wet langdurige zorg (Wlz) maar daaraan geen medewerking wenst te verlenen, behoudens het overgangsrecht (art. 2.3.5, zesde lid, en art. 8.6a van de wet). Opgemerkt wordt dat het hier bedoelde overgangsrecht niet geldt als de ondersteuningsbehoefte betrekking heeft op: huishoudelijke ondersteuning, begeleiding, groepsondersteuning of kortdurend verblijf. Dat wil zeggen dat het college bij de melding van de hulpvraag altijd onderzoekt of de cliënt in aanmerking kan komen voor een indicatie. Opgemerkt wordt dat het hebben van een psychiatrische grondslag alleen geen toegang geeft tot de Wlz (art. 3.2.1 Wlz) Er is wel een wetswijziging aangekondigd die daar verandering in aanbrengt. De beoogde inwerkingtreding is 1 januari 2021.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.5