Naar hoofdinhoud

Artikel 4.2.2

Afmeren, aanleggen en/of ligplaats innemen

Onderdeel van Vaarwegenverordening gemeente Nieuwkoop 2020

Het is verboden met een schip, een drijvend werktuig, een drijvend voorwerp of een drijvende inrichting ligplaats in te nemen of aan te leggen. Het is de eigenaar, een zakelijk gerechtigde, de bezitter, de houder of de gebruiker van een oever verboden toe te laten of te gedogen dat aan die oever ligplaats wordt ingenomen of wordt aangelegd met een schip. De in de artikelen 1 en 2 genoemde verboden zijn niet van toepassing op het innemen van ligplaats en het aanleggen met: pleziervaartuigen in jachthavens; pleziervaartuigen aan werven, voor zover dat noodzakelijk is voor op korte termijn uit te voeren werkzaamheden betreffende bouw, verbouw, uitrusting, onderhoud of reparatie en voor zolang deze werkzaamheden duren; pleziervaartuigen aan een door het college aangewezen aanlegplaats; een pleziervaartuig voor kort verblijf aan een particuliere oever; de aan botenverkoopbedrijven of botenverhuurbedrijven toebehorende pleziervaartuigen aan de aanleggelegenheden van die bedrijven; maximaal twee pleziervaartuigen aan het erf dat behoort bij een woning, een zomerwoning voor zover die woning of zomer woning aanwezig is in overeenstemming met de daarvoor geldende wettelijke voorschriften en mits die vaartuigen eigendom zijn van de rechthebbende van die woning. een schip in verband met het beroepsmatig verrichten van werkzaamheden; Het college kan ontheffing verlenen van het in de leden 1 en 2 gestelde. Met een woonschip is het uitsluitend toegestaan ligplaats in te nemen op gronden die daarvoor uitdrukkelijk zijn bestemd in een onherroepelijk goedgekeurd bestemmingsplan met vergunning van het college.

Rechtspraak bij dit artikel