Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend.
Bij instellingsverordening van de onderzoekscommissie bepaalt de raad de hoogte van de vergoeding alsmede het doel en de strekking van de opdracht van de onderzoekscommissie.
De hoogte van de toelage voor deelname aan de onderzoekscommissie bedraagt niet meer dan drie maal de maandelijkse vergoeding.
De burgemeester stelt de duur van de activiteiten vast.
Artikel 3A. Toelage raadslid onderzoekscommissie
Artikel 3A. Toelage raadslid onderzoekscommissie
Onderdeel van Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zwijndrecht