De budgethouder is verantwoordelijk voor een doelmatig en rechtmatig beheer van de aan hem of haar toevertrouwde budgetten en hieraan gekoppelde doelstellingen, resultaten en prestaties.
De budgethouder mandateert zijn uitvoerende bevoegdheden per budget aan een budgetbeheerder. De aanwijzing als budgetbeheerder wordt met vermelding van de betreffende budgetten schriftelijk gedaan aan het team financiën, die dit verwerkt in de financiële administratie. De eindverantwoordelijkheid voor de betreffende budgetten kan niet worden gemandateerd en blijft te allen tijde bij de budgethouder. De aanwijzing van een budgetbeheerder kan schriftelijk, geheel of gedeeltelijk, worden ingetrokken of gewijzigd.
De budgethouder voorziet het college van Burgemeester en Wethouders en het MT tijdig van alle relevante informatie die nodig is voor de bepaling van de hoogte van budgetten en de daaraan verbonden lasten met inachtneming van de relevante, door de raad vastgestelde financiële verordening en de door het college vastgestelde regels op het gebied van planning & control.
De budgethouder is namens het college bevoegd tot het aangaan van verplichtingen en het doen van uitgaven tot maximaal:
De aan hem of haar toegewezen budgetten, investeringsbudgetten of de aan hem of haar ten dienste staande (onderhouds)voorzieningen tot max. € 100.000 per verplichting
Uitgaven tot € 250.000 hebben de instemming van de algemeen directeur nodig
Voor bedragen > € 250.000 dient het college te besluiten
De budgethouder is namens het college tevens bevoegd tot het verkrijgen van inkomsten ten gunste van de in de begroting opgenomen bedragen of van de geraamde (externe) bijdragen in de vastgestelde (investerings)budgetten. De geraamde inkomsten gelden als minimaal te behalen.
De omschreven bevoegdheden gelden indien en voor zover de relatie met de beoogde producten en/of ondersteuningsactiviteiten in stand blijft.