**1..** Het college ziet geheel of gedeeltelijk van het vorderen van de geldswaarde van de ten onrechte genoten maatwerkvoorziening of het ten onrechte genoten pgb af, indien:
het te vorderen bedrag lager is dan € 50,00 en er ten laste van de cliënt geen andere vorderingen openstaan; of
hiertoe dringende reden aanwezig zijn. Het gaat hier om zeer bijzondere omstandigheden, waarbij terug- of invordering leidt tot onaanvaardbare financiële of sociale consequenties voor de belanghebbende.
**2..** Er kan ook van vordering worden afgezien van de kosten die voor het dwangbevel in rekening worden gebracht, alsook van de kosten zoals deze door de deurwaarder of het incassobureau in rekening worden gebracht.
Hoofdstuk 14
Artikel 40