Naar hoofdinhoud
1.. Het Algemeen Bestuur geeft zo spoedig mogelijk maar in ieder geval binnen twee maanden aan de raden en de colleges van de deelnemende gemeenten de door een of meer leden van die raden of colleges schriftelijk gevraagde inlichtingen, waarvan het verstrekken niet in strijd is met het algemeen belang. 2.. Het Algemeen Bestuur geeft aan de raden en de colleges van de deelnemende gemeenten ongevraagd alle inlichtingen die voor een juiste beoordeling van het door het Algemeen Bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig zijn. 3.. Een lid van het Algemeen Bestuur is aan het college die hem/haar als lid heeft aangewezen verantwoording verschuldigd voor het door hem/haar in het Algemeen Bestuur gevoerde beleid. (noot: Op grond van de artikelen 169 lid 1 en 180 lid 1 van de Gemeentewet blijft het college en zijn leden en de burgemeester afzonderlijk verantwoording schuldig aan de gemeenteraad over het door hen gevoerde bestuur. Op grond van artikel 49 Gemeentewet kan de raad een wethouder ontslaan wanneer deze het vertrouwen van de raad verliest. Dit ontslag leidt automatisch tot het ontslag als lid van het bestuur van het samenwerkingsverband. Voor burgemeester blijft ingevolge artikel 61b Gemeentewet de mogelijkheid tot het zenden van een aanbeveling van ontslag aan Onze minister.) 4.. De colleges van de aan deze regeling deelnemende gemeenten consulteren de raden vooraf in die gevallen waar de regeling de bevoegdheden van de raad raakt en voor gevallen die van zeer ingrijpende aard zijn voor de gemeenten. De colleges nemen geen besluit dan nadat de raden in de gelegenheid zijn gesteld zijn zienswijze ter kennis van de colleges te brengen. Consultatie vindt in ieder geval plaats bij situaties genoemd in de volgende artikelen: artikel 4.3., 7.3. en 29.1. 5.. De colleges van de deelnemende gemeenten zijn gehouden het Algemeen Bestuur in kennis te stellen van de bij hen in voorbereiding zijnde plannen en/of maatregelen met betrekking tot de in artikel 4 bedoelde taakgebieden en taakaspecten daarbinnen, voor zover deze redelijkerwijs van belang kunnen zijn voor het functioneren van OVER-gemeenten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel