**1..** De gemeenten dragen jaarlijks bij in de kosten van het Werkvoorzieningschap door middel van:
de Rijksbijdragen als bedoeld in artikel 15;
de gemeentelijke bijdragen in de exploitatie van het Werkvoorzieningschap zoals die voortvloeien uit de voor het desbetreffende jaar vastgestelde begroting;
**2..** In aanvulling op het in het eerste lid bepaalde kunnen de gemeenten, net als derden, opdrachten verstrekken aan het Werkvoorzieningschap of een dochtermaatschappij daarvan, op basis waarvan een gemeente betalingen verricht aan het Werkvoorzieningschap. Een dergelijke betaling vormt geen bijdrage als bedoeld in het eerste lid.
**3..** De op basis van artikel 15 van een gemeente ontvangen betaling naar aanleiding van de door die gemeente ontvangen rijksbijdrage voor de Wsw-medewerkers wordt telkens afzonderlijk als baat beschouwd.
**4..** Betaling van de bijdrage als bedoeld in het eerste lid onder a zal bij wijze van voorschot plaatsvinden in maandelijkse termijnen, waarbij wordt uitgegaan van een maandelijkse betaling van 7,75%, met uitzondering van de maand mei wanneer 14,75% wordt betaald. Bij niet tijdige betaling is de wettelijke rente verschuldigd. Betaling van de bijdrage als bedoeld in het eerste lid onder b zal bij wijze van voorschot plaatsvinden in maandelijks gelijke termijnen.
**5..** Het bestuur draagt er zorg voor dat in de afspraken met de inlener(s) van de Wsw-medewerkers die in dienst zijn bij het Werkvoorzieningschap een eventueel tekort tussen de werkgeverslasten voor de Wsw-medewerkers die in dienst zijn bij het Werkvoorzieningschap en de Rijksbijdrage wordt afgedekt.
**6..** Andere tekorten dan bedoeld in het vorige lid komen ten laste van de gemeenten naar rato van het aantal Wsw-medewerkers waarvoor de desbetreffende gemeentebesturen verantwoordelijk zijn op basis van het woonplaatsbeginsel.
**7..** Op basis van de overeenkomstig artikel 16 vastgestelde jaarrekening zal de daadwerkelijk verschuldigde bijdrage als bedoeld in het eerste lid, onder b, per gemeente worden vastgesteld.
**8..** Verrekening van het verschil tussen het op grond van het eerste lid, onder b, door elke gemeente betaalde voorschot en de op grond van het zevende lid per gemeente daadwerkelijk verschuldigde bijdrage vindt plaats binnen vier weken na de mededeling aan de raden over de vaststelling van de jaarrekening door het bestuur.
Hoofdstuk
Artikel 17
Artikel 17
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap IJsselmeergroep 2023