Naar hoofdinhoud
Voordat een gebiedsontzegging wordt opgelegd ontvangt de betrokkene eenmalig een formele en schriftelijke waarschuwing. De betrokkene wordt mondeling of schriftelijk in kennis gesteld van een voornemen tot oplegging van een gebiedsontzegging. De betrokkene krijgt de gelegenheid om zijn zienswijze op het voornemen in te dienen. Als het voornemen tot het opleggen van een gebiedsontzegging betrekking heeft op een minderjarige, worden tenminste de ouders of voogd(en) van de minderjarige uitgenodigd om hun zienswijze kenbaar te maken. Aan de leden één tot en met drie kan conform artikel 4:11 van de Algemene wet bestuursrecht worden afgeweken, indien: De vereiste spoed zich daartegen verzet. De belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan. Het met de beschikking beoogde doel slechts kan worden bereikt indien de belanghebbende daarvan niet reeds tevoren in kennis is gesteld. Een besluit tot oplegging van een gebiedsontzegging wordt in persoon aan de betrokkene uitgereikt of toegezonden. In het besluit staan: De gedraging(en) waarop de gebiedsontzegging is gebaseerd. Het tijdvak waarin de gebiedsontzegging van kracht is. Het gebied waarin de gebiedsontzegging van kracht is. Bij het besluit wordt een kaart uitgedeeld van het gebied waarin de gebiedsontzegging van kracht is. Indien de betrokkene kan aantonen dat hij of zij een zwaarwegend belang heeft om zich op een bepaalde plaats in het gebied op te houden, wordt er in het besluit een looproute opgenomen. Het is de betrokkene in dat geval slechts toegestaan om de desbetreffende locatie via de aangegeven looproute te bereiken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel