Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5:

Artikel 14

weigering persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Valkenburg aan de Geul 2020

Een persoonsgebonden budget is uitsluitend mogelijk voor maatwerkvoorzieningen. Het college kent geen persoonsgebonden budget toe als: in de drie jaren, voorafgaand aan de datum van het onderzoek, toepassing is gegeven aan artikel 2.3.10, eerste lid, onderdeel a, d, en e van de wet; het bieden van een keuze voor het persoonsgebonden budget negatieve gevolgen zou hebben voor het voortbestaan van het systeem van de desbetreffende maatwerkvoorzieningen in natura te weten: het Collectief Vraagafhankelijke Vervoer voor Wmo-geïndiceerden; er sprake is van ondersteuning in een spoedeisende situatie, als bedoeld in artikel 2.3.3 van de wet; Indien de verwachting is dat een voorziening noodzakelijk is voor een periode die korter is dan de technische levensduur van de voorziening in natura. het ernstige vermoeden bestaat dat de aanvrager geen redelijke waardering van zijn belangen ten aanzien van de zorgvraag kan maken, of het ernstige vermoeden bestaat dat hij niet in staat is de aan het persoonsgebonden budget verbonden taken uit te voeren. de veiligheid, doeltreffendheid, cliëntgerichtheid, rechtmatigheid en doelmatigheid onvoldoende is gegarandeerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel