1. Het gaat bij verstrekking van bijzondere bijstand zoals aangegeven in artikel 35 van de Participatiewet om bijstand die wordt verstrekt indien uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten van het bestaan voor de alleenstaande of gezin niet gedekt kunnen worden uit het inkomen, vermogen, voorliggende voorzieningen of draagkracht.
2. Geen recht op bijzondere bijstand bestaat als er sprake is van een voorliggende voorziening, die gezien haar aard en doelstelling passend en toereikend kan worden geacht.
3. In het geval van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor het bestaan kan de gevraagde bijstand in de vorm van een geldlening worden verstrekt.
4. De bijzondere bijstand wordt verstrekt als een uitkering om niet, tenzij anders bepaald in deze beleidsregels of naar het oordeel van het college ten aanzien van belanghebbende zich omstandigheden voordoen als bedoeld in artikel 48 lid 2 van de wet.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Aard van de bijzondere bijstand
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2020 Middelburg