Op grond van de jeugdwet hebben huisartsen eigenstandig de mogelijkheid om jeugdigen door te verwijzen naar (specialistische) jeugdhulp. Huisartsen hebben niet altijd de tijd/ruimte om tot een goede verduidelijking te komen over opvoed- en opgroeivragen. Daarom zet de gemeente op het gebied van dit soort vragen ter ondersteuning van de huisarts de zogenoemde Huisartsondersteuner (HAO’er) jeugd in. Doordat de HAO’er de tijd en expertise heeft om tot een vraagverduidelijking bij opvoed- en opgroeivragen kan naar verwachting passende hulp worden geboden. De huisartsenpraktijken zijn vrij om al of niet gebruik te maken van de HAO’er jeugd. Aan elke deelnemende praktijk is een vaste HAO jeugd verbonden. Huisartsen die gebruik maken van de HAO’er jeugd maken met de betreffende medewerker afspraken over de wijze van samenwerken, zoals de wijze van overleg en communicatie over cliënten.
Huisartsen kunnen ouders/jeugdigen (“–9 maanden tot 18 jaar”) verwijzen naar de HAO’er jeugd. De huisarts stelt de ouders/jeugdige daarbij op de hoogte van de functie en werkwijze van de HAO’er. Bij het inschakelen van de HAO’er geeft de huisarts aan wat de vraag is en de eventuele bijzonderheden die nodig zijn om met ouders/jeugdige in gesprek te gaan. De HAO’er jeugd heeft geen rechtstreekse toegang/inzage in medische gegevens zoals die in het Huisarts Informatie Systeem (HIS) zijn vastgelegd.
De huisarts kan de HAO’er jeugd inschakelen bij:
vragen waarbij een lichte vorm van ondersteuning waarschijnlijk volstaat om het probleem op te lossen;
twijfel over noodzaak van verwijzing;
twijfel over welke verwijzing voor dit kind meest passend is;
in kaart brengen van alle aspecten die aan de vraag van de ouder vast zitten;
gevolgen van (v)echtscheiding;
aandacht- en concentratie problemen;
bang/faalangst/onzekerheid;
druk/lastig gedrag;
leefstijl (ongezond gewicht, vermoeden middelen gebruik); • leerproblemen;
lichamelijke klachten na uitsluiting medische oorzaak (huilbaby, buikpijn, hoofdpijn, slapen, zindelijkheid);
ontwikkelingsachterstand;
opvoedprobleem;
pesten;
somberheid/rouw en verlies;
stil/teruggetrokken gedrag;
trauma;
vermoeden van multiproblematiek.
Wanneer de huisarts de HAO’er jeugd heeft ingeschakeld, neemt de HAO’er zo spoedig mogelijk, maar in elk geval binnen een week, contact op met de ouders/jeugdige om een afspraak te maken. Het eerste gesprek kan plaatsvinden bij ouders thuis, op school, in de huisartspraktijk of op een andere in overleg te bepalen locatie. Tijdens het eerste gesprek vindt de vraagverheldering plaats. Om een goed beeld te krijgen van de situatie kan de HAO’er, in afstemming met ouders/jeugdige, informatie vragen/overleggen met derden. In veel gevallen zullen dat de (voor)school zijn, collega’s vanuit het gebiedsteam of zorgverleners die al contact hebben met het gezin.
Afhankelijk van de vraag van ouders/jeugdige komt de HAO’er jeugd in afstemming met ouders/jeugdige tot de volgende stappen:
inschakelen informele hulp;
zelf de benodigde ondersteuning verlenen;
een collega vanuit het voorliggende veld de benodigde ondersteuning laten verlenen;
de huisarts voor te stellen de jeugdige te verwijzen naar een tweedelijnsvoorziening;
de casus over te dragen aan De Toegang.
Het is aan de professionele afweging van de HAO’er welke keuze gemaakt wordt. Het is belangrijk dat afhankelijk van de vraag passende hulp gegeven wordt. In casussen die door de HAO’er jeugd zelf opgepakt worden kan gebruik gemaakt worden van alle methodieken en hulpmiddelen die de jeugdverpleegkundige ter beschikking heeft.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1.1.1
De Huisartsondersteuner (HAO’er) jeugd
Onderdeel van Beleidsregels jeugdhulp gemeente Emmen 2020