Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.3.3

Gebruikelijke hulp

Onderdeel van Beleidsregels jeugdhulp gemeente Emmen 2020

Gebruikelijke hulp is de hulp die naar algemeen aanvaardbare opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de huisgenoten. Tot huisgenoten worden gerekend: de partner; ouders; inwonende kinderen, en; anderen met wie de jeugdige duurzaam gemeenschappelijk een woning bewoond. In de Jeugdwet is het begrip gebruikelijke hulp niet gedefinieerd. In artikel 1.1.1 Wmo 2015 wel. In het kort komt het erop neer dat van een partner, huisgenoten of een kind een bijdrage in de ondersteuning wordt verwacht als een van de gezinsleden dat nodig heeft. Dit gaat om de normale dagelijkse activiteiten in een samenlevingsverband (gezin). Bij het beoordelen of er sprake is van gebruikelijke hulp is het van belang om toeval en willekeur te voorkomen. Het hangt af van de sociale relatie welke hulp mensen elkaar moeten bieden; hoe intiemer de relatie, des te meer hulp mensen elkaar geacht worden te geven. Als het gebruikelijk is dat mensen elkaar in een bepaalde situatie hulp bieden, zoals bijvoorbeeld ouders aan hun kinderen, is dat niet vrijblijvend met betrekking tot jeugdhulp. Hierbij wordt vanzelfsprekend ook naar de eventuele beperkingen van de huisgenoten gekeken. Per situatie zal dan ook beoordeeld moeten worden in hoeverre de persoon waarmee de jeugdige in een huishouden samen leeft, daadwerkelijk in staat is tot het verlenen van gebruikelijke hulp. Van ouders en huisgenoten (18+) mag in beginsel worden verwacht dat zij naast bezigheden zoals een fulltime baan of fulltime studie, in staat worden geacht tot het verlenen van gebruikelijke hulp. Dit kan bijvoorbeeld gaan om het bieden van begeleidingshandelingen die meelopen in het normale patroon van dagelijkse begeleiding van ouders aan een kind. Als er sprake is van fysieke afwezigheid van de ouder/huisgenoot gedurende een aantal dagen of nachten per week en de ouder/huisgenoot is op die momenten dus niet in staat om gebruikelijke hulp te verlenen (bijvoorbeeld in het geval als een van de ouders een baan heeft waarbij dat vereist is), kan de gemeente ondersteuning inzetten voor de niet uitstelbare taken. Bij het overnemen van begeleiding betekent dit dat begeleidingshandelingen die niet kunnen worden uitgesteld overgenomen kunnen worden. Van de ouder/huisgenoot wordt vervolgens verwacht om de uitstelbare taken te verrichten zodra hij niet langer afwezig is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel