Met overige voorzieningen worden voorzieningen bedoeld zoals omschreven in artikel 2.9, onder a, van wet. Voor overige voorzieningen is geen beschikking van de gemeente vereist. Dit kan zowel de algemeen toegankelijke professionele ondersteuning zijn, als de algemeen toegankelijke informele ondersteuning. Overige voorzieningen zijn:
Preventie – basiszorg:
Informatie en advies; signalering; toeleiding naar vrij toegankelijke hulp; licht pedagogische hulpverlening; coördinatie van hulp (lichte, enkelvoudige problematiek) en opvoedkundig advies.
Spoedeisende Zorg:
Een crisissituatie kan leiden tot een beroep op spoedeisende zorg en crisishulp. Spoedeisende zorg is dan ook bedoeld om snel te kunnen ingrijpen bij een crisissituatie. Het gaat om de 24/7 beschikbaarheid van een professional die interventiehulp biedt in het gezin. Het streven is
uithuisplaatsing zoveel mogelijk te voorkomen. Als het nodig is in het belang van de veiligheid van het kind, dan kan het kind (tijdelijk) elders worden opgevangen. We onderscheiden de spoedeisende zorg (interventiehulp) van de crisishulp (bedden). In feite vormt de spoedeisende zorg de toegang tot de crisishulp. Opvang van een cliënt in crisishulp zou maximaal vijf werkdagen moeten duren, daarna stroomt een jeugdige door naar een individuele jeugdhulpvoorziening (hulp-op-maat), waarvoor een beschikking van de gemeente is vereist. In de gemeente Emmen wordt het meldpunt spoedeisende jeugdhulp verzorgd door De Toegang en, na kantooruren; Spoed Voor jeugd.
Veilig Thuis Drenthe:
In situaties waarin vermoedens bestaan of sprake is van huiselijk geweld of
Kindermishandeling kan een beroep worden gedaan op de deskundigheid van Veilig Thuis Drenthe. Ook kan een melding worden gedaan bij Veilig Thuis Drenthe. Een melding kan leiden tot een advies over hoe om te gaan met de situatie door bijvoorbeeld een inzet van een overige voorziening zoals het maatschappelijk werk of een toeleiding naar De Toegang wanneer er toch een hulp-op-maat nodig blijkt. Ook kan een melding bij Veilig Thuis Drenthe leiden tot een vervolgtraject of onderzoek door Veilig Thuis Drenthe.
Jeugdbescherming:
Jeugdbescherming is een gedwongen maatregel die de rechter kan opleggen
als vrijwillige hulp niet of onvoldoende werkt. Dit kan een ondertoezichtstelling of een gezagsbeëindigende maatregel zijn. Soms woont het kind daarbij – tijdelijk – niet meer thuis.
Jeugdreclassering:
Jeugdreclassering is begeleiding voor jongeren die een proces-verbaal hebben
gehad van de politie of de leerplichtambtenaar. Zij krijgen een persoonlijk begeleidingsplan. Alleen kinderrechters, het openbaar ministerie, de Raad voor de Kinderbescherming en de justitiële jeugdinrichtingen kunnenjeugdreclassering opleggen. Gecertificeerde instellingen voeren de jeugdreclassering uit.
Internationale kinderbescherming.13Rijksoverheid. “Internationale kinderbescherming,” geraadpleegd 11 november 2019 via https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/jeugdbescherming/internationale-kinderbescherming.
Een kind uit een gezin dat hulp krijgt bij de opvoeding, kan naar het buitenland reizen. Daar kan het kind voor langere tijd verblijven, met of zonder ouders. In het buitenland kan het kind ook begeleiding krijgen.
Als in een gezin ernstige problemen met de opvoeding voorkomen, dan kan het gezin hulp krijgen. Soms is het aannemen van hulp verplicht. Doel van deze hulp is de bescherming van het kind. Als het kind (met of zonder zijn of haar ouders) naar het buitenland gaat, dan kan de zorg in het andere land doorgaan.
Elk land dat het ‘Haags Kinderbeschermingsverdrag’ heeft ondertekend, heeft een Centrale autoriteit Internationale Kinderaangelegenheden (Ca). De Ca's coördineren zaken op het gebied van internationale kinderbescherming. Het gaat dan om kinderbeschermingsmaatregelen, zoals bijvoorbeeld ondertoezichtstelling of uithuisplaatsing. Of om hulp die via de jeugdhulpinstanties loopt. Het kan ook gaan om bijvoorbeeld pleegzorgplaatsingen of verblijf in een buitenlandse instelling.
Een kind kan naar het buitenland gaan terwijl het begeleiding krijgt van een Nederlandse jeugdhulpinstantie. In dat geval kan de Nederlandse Ca het andere land vragen de zorg over te nemen.
Contactgegevens: 14Rijksoverheid. “Internationale kinderbescherming,” geraadpleegd 11 november 2019 via https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/jeugdbescherming/internationale-kinderbescherming. Ministerie van Justitie en Veiligheid, Postbus 20.301, 2500 EH Den Haag.
Alleen Nederlandse jeugdhulpinstanties kunnen hiervoor bij de Ca een verzoek indienen.
Als de Ca hierom vraagt, kan de buitenlandse Ca onderzoek doen naar het welzijn van het kind. En bepalen of het kind in dat land ook begeleiding nodig heeft.
De landen die het Haags Kinderbeschermingsverdrag niet hebben ondertekend, hebben geen Ca. De Nederlandse Ca neemt deze verzoeken wel in behandeling. Zo nodig schakelt de Ca het ministerie van Buitenlandse Zaken in. Het ministerie kan nagaan wat de mogelijkheden zijn in dat land. Maar helpt ook om het verzoek bij de juiste organisatie te krijgen.
Er zijn ook kinderen die tijdelijk naar Nederland verhuizen. Daarom behandelt de Nederlandse Ca ook verzoeken van andere landen. Bijvoorbeeld om een onderzoek te laten doen in Nederland naar het welzijn van het kind. Of om een kind te plaatsen in een Nederlands pleeggezin.
Buitenlandse jeugdhulpverleningsinstanties kunnen via hun eigen Centrale autoriteit informatie krijgen over hoe ze een verzoek moeten indienen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.3.6
Overige voorzieningen
Onderdeel van Beleidsregels jeugdhulp gemeente Emmen 2020