Naar hoofdinhoud
1). Een aanvraag voor tegemoetkoming van een deel van de kosten kinderopvang bevat: naam, adres en bsn-nummer van de ouder/verzorger; indien van toepassing: naam en bsn-nummer van de partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner; naam, geboortedatum en bsn-nummer van het kind of de kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming betrekking heeft; het aantal uren kinderopvang per kind dat de ouders/verzorgers noodzakelijk achten; gegevens waaruit blijkt, dat de ouder(s)/verzorger(s) geen recht hebben op toeslag kinderopvang van de Belastingdiensten de hoogte van het definitieve vastgestelde verzamelinkomen van de Belastingdienst van t – 2 jaar of van voorafgaande jaar; overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming. 2). De aanvraag van de indicatiestelling kan gelijktijdig met de aanvraag voor de tegemoetkoming ingediend worden. 3). Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 4). Indien de ouder/verzorger een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend door de partner.

Rechtspraak bij dit artikel