Om te bepalen of en welke vorm(en) van Thuisondersteuning voor de bewoner toegankelijk en passend is worden, naast het Algemene toetsings- en afwegingskader, de volgende aspecten getoetst en/of gewogen:
1. aard van de beperking: Er dient sprake te zijn van matige of zware beperkingen op het gebied van zelfredzaamheid, gedragsproblemen, psychisch functioneren en/of oriëntatie en geheugen.
a. Zelfredzaamheid:
I. Er is sprake van matige beperkingen als zelfstandig nemen van besluiten niet vanzelfsprekend is, waardoor de bewoner ondersteuning nodig heeft bij het regelen van dagelijkse bezigheden en bij het aanbrengen van dagelijkse routine en structuur, niet goed begrijpt wat anderen zeggen en zichzelf niet begrijpelijk kan maken.
II. Er is sprake van zware beperkingen als complexe taken moeten worden overgenomen, het uitvoeren van eenvoudige taken moeilijk gaat, de bewoner niet in staat is zelfstandig problemen op te lossen en/of besluit(en) te nemen, moeite heeft met communiceren en afhankelijk is van regie van anderen voor het voeren van de regie.
b. Gedragsproblemen:
I. Er is sprake van matige beperkingen als er bijsturing en soms gedeeltelijke overname van taken vereist is door een professional, omdat de situatie anders verslechtert.
II. Er is sprake van zware beperkingen als er ernstige problemen zijn, waardoor de veiligheid van de bewoner en/of zijn omgeving in gevaar zijn en er continu professionele bijsturing nodig is.
c. Psychisch functioneren:
I. Er is sprake van matige beperkingen als er regelmatig ondersteuning nodig is vanwege concentratieproblemen en informatieverwerking.
II. Er is sprake van zware beperkingen als volledige overname van de taken door een professional nodig is vanwege ernstige problemen met concentratie, denken, geheugen en waarneming van de omgeving.
d. Oriëntatie en geheugen:
I. Er is sprake van matige beperkingen als er problemen zijn met het herkennen van personen en omgeving, er vaak ondersteuning nodig is bij het uitvoeren van taken en het vasthouden van een dagritme en de situatie zal verslechteren zonder begeleiding.
II. Er is sprake van zware beperkingen als er ernstige problemen zijn met het herkennen van personen en omgeving, als de bewoner gedesoriënteerd is, taken moeten worden overgenomen en er ondersteuning nodig is bij de dagstructurering.
2. vrijwilligers: Voor eenvoudige administratieve taken en het begeleiden naar een bezoek aan huisarts of medisch specialist, kunnen vrijwilligers ingezet worden, in plaats van Praktische Thuisondersteuning.
3. vorm van ondersteuning:
a. (Praktische)Thuisondersteuning is gericht op het bevorderen van de zelfredzaamheid en participatie en ter voorkoming van opname of verwaarlozing van de bewoner. Dit kan zowel door taken van de bewoner (tijdelijk en/of deels) over te nemen, als in de vorm van het ‘samen op werken’.
Er zijn een vijftal vormen van Thuisondersteuning, die van elkaar verschillen in taken, mate van inzicht in de beperking/ziekte inzicht, planbaarheid van zorg en benodigde deskundigheid (zie Toelichting).
De bewoner kan meerdere vormen van Thuisondersteuning gelijktijdig verstrekt krijgen.
De vormen van Thuisondersteuning zijn:
I. Praktische Thuisondersteuning
II. Thuisondersteuning 1 (basisondersteuning, geen individuele maatwerkvoorziening)
III. Thuisondersteuning 2
IV. Thuisondersteuning 3
V. Thuisondersteuning 4
b. Naast de Thuisondersteuning die vanuit de gemeente Leeuwarden geboden wordt, is landelijke specialistische zorg beschikbaar voor mensen met een zintuigelijke beperking.
Deze ondersteuning wordt slechts door enkele zorgaanbieders in Nederland geleverd.
4. de taken waarbij de bewoner ondersteuning nodig heeft:
a. De volgende taken vallen onder Praktische Thuisondersteuning:
I. Huishoudelijke taken: schoonmaakwerkzaamheden, wasverzorging, verzorging (warme) maaltijden.
Huishoudelijke taken worden in principe vanuit de Algemene Schoonmaakvoorziening of de voorziening Hulp bij Huishouden geboden, tenzij:
- er tijdelijke ondersteuning nodig is in de vorm van advies, instructie en voorlichting of het aanleren van vaardigheden om op termijn de huishoudelijke taken zelfstandig te kunnen doen of
- een noodzakelijke combinatie met benodigde ondersteuning bij praktische taken of verzorgingstaken, die ook vanuit een individuele maatwerkvoorziening door één zorgaanbieder geboden dienen te worden.
II. Praktische taken: het maken en houden van afspraken, weekplanning/dagstructuur, dagelijkse/wekelijkse administratie (huishoudboekje) en het opbouwen van een sociaal netwerk.
III. Verzorgingstaken: de verzorging van (gezonde) kinderen.
b. De volgende taak valt onder Thuisondersteuning 1: Basisondersteuning, (zonder beschikking) geboden vanuit het sociaal wijkteam, gericht op het stabiliseren/behouden van zelfstandigheid/zelfstandig wonen.
c. De volgende taken vallen onder Thuisondersteuning 2, 3, en 4:
I. Stabiliseren/behouden van zelfstandigheid/zelfstandig wonen.
II. Uitvoeren of regie voeren over zelfzorghandelingen.
III. Inzetten of verbeteren van de eigen kracht.
IV. Versterken van de sociale omgeving.
V. Ondersteunen bij het dagelijks sociaal functioneren.
VI. Ondersteunen bij het behoud van dag/weekstructuur.
VII. Regie houden en besluitvoering.
VIII. Signalerende functie om terugval of escalatie te voorkomen.
5. omvang van de ondersteuning: Om de omvang van de benodigde (Praktische) Thuisondersteuning te bepalen wordt gebruik gemaakt van de mede hiervoor opgestelde normtijden in Bijlage 1.
6. inzicht in de beperking/ziekte inzicht: Om te bepalen welke vorm van ondersteuning nodig is, wordt gekeken naar de mate waarin de bewoner inzicht heeft in zijn beperking/ziekte inzicht (zie Toelichting).
7. planbaarheid van de ondersteuning: Om te bepalen welke vorm van ondersteuning nodig is, wordt gekeken naar de mate van planbaarheid van de zorg ofwel het risico op de noodzaak tot direct handelen, waardoor zorg op afroep beschikbaar dient te zijn (zie Toelichting).
8. benodigde deskundigheid: Om te bepalen of (aanvullend) specifieke deskundigheid noodzakelijk is, worden de voorgaande aspecten, zoals aard van de beperking, taken waarbij de bewoner ondersteuning nodig heeft, de omvang van de ondersteuning, de mate waarin de bewoner inzicht heeft in zijn beperking en de mate van planbaarheid van de ondersteuning, in onderlinge samenhang gewogen.
Om, indien specifieke deskundigheid noodzakelijk is, te bepalen welke specifieke deskundigheid passend is bij de aard van de beperking, worden de volgende doelgroepen onderscheiden:
a. verstandelijke beperking (VG)
b. psychiatrische beperking (PSY)
c. somatische beperking (SOM)
d. lichamelijke beperking (LG)
e. psychogeriatrische aandoening (PG)
f. zintuigelijke beperking:
I. mensen met een ernstige visuele beperking
II. vroegdove mensen
III. doofblinde mensen
9. andere voorzieningen: vrijwilligers, kinderopvang
TOELICHTING
Er zijn vanuit de gemeente Leeuwarden een vijftal vormen van Thuisondersteuning, die van elkaar verschillen in taken, mate van inzicht in de beperking/ziekte inzicht, planbaarheid van zorg en noodzakelijke specifieke deskundigheid. Al deze aspecten worden in onderlinge samenhang gewogen.
Zie onderstaand overzicht.
Taken
Inzicht in de beperking/ziekte inzicht
Planbaarheid ondersteuning
Deskundigheid
Praktische thuisondersteuning
Praktische ondersteuning
Schoonmaakwerkzaamheden
Wasverzorging
Verzorging (warme)maaltijden
Verzorging kinderen
Aanwezig
Planbare ondersteuning
Algemeen deskundige op het gebied van praktische ondersteuning, schoonmaak en verzorging van kinderen
Thuisondersteuning 1
Basisondersteuning
Aanwezig
Planbare ondersteuning
Generalist vanuit sociaal wijkteam
Thuisondersteuning 2
Stabiliseren/behouden van zelfstandigheid/zelfstandig wonen
Uitvoeren of regie voeren over zelfzorghandelingen
Inzetten of verbeteren van de eigen kracht
Versterken van de sociale omgeving
Ondersteunen bij het dagelijks sociaal functioneren
Ondersteunen bij het behoud van dag/weekstructuur
Regie houden en besluitvoering
Signalerende functie om terugval of escalatie te voorkomen.
Aanwezig of deels aanwezig
Planbare ondersteuning
Licht risico op de noodzaak tot direct handelen/ingrijpen (fysiek/gedrag)
Generalist met signalerend vermogen
Thuisondersteuning 3
Stabiliseren/behouden van zelfstandigheid/zelfstandig wonen
Uitvoeren of regie voeren over zelfzorghandelingen
Inzetten of verbeteren van de eigen kracht
Versterken van de sociale omgeving
Ondersteunen bij het dagelijks sociaal functioneren
Ondersteunen bij het behoud van dag/weekstructuur
Regie houden en besluitvoering
Signalerende functie om terugval of escalatie te voorkomen.
Deels tot beperkt aanwezig
Planbare en onplanbare ondersteuning
Matig risico op de noodzaak tot direct handelen/ingrijpen (fysiek/gedrag)
Noodzakelijke specifieke deskundigheid
Onderscheid in:
A: (VG)
B: (PSY)
C: (SOM)
D: (LG)
E: (PG)
Thuisondersteuning 4
Stabiliseren/behouden van zelfstandigheid/zelfstandig wonen
Uitvoeren of regie voeren over zelfzorghandelingen
Inzetten of verbeteren van de eigen kracht
Versterken van de sociale omgeving
Ondersteunen bij het dagelijks sociaal functioneren
Ondersteunen bij het behoud van dag/weekstructuur
Regie houden en besluitvoering
Signalerende functie om terugval of escalatie te voorkomen.
Beperkt tot zeer beperkt aanwezig
Planbare en onplanbare ondersteuning
Ernstig risico op de noodzaak tot direct handelen/inpgrijpen (fysiek/gedrag)
Noodzakelijke specifieke deskundigheid
Onderscheid in:
A: (VG)
B: (PSY)
C: (SOM)
D: (LG)
E: (PG)
Artikel 15.
(Praktische) Thuisondersteuning
Onderdeel van Beleidsregels Wmo 2020 gemeente Leeuwarden