Op gebiedsontsluitingswegen buiten de bebouwde kom staat de doorstroming op de wegvakken centraal en kan op kruispunten uitgewisseld worden. Op dit type wegen geldt een maximumsnelheid van 80 km/uur.
Het grootste verschil tussen de minimale en ideale situatie is de rijbaanscheiding. Idealiter is er sprake van een fysieke afscherming, maar in de minimale variant kan met (dubbele) asmarkering worden volstaan. Als zich landbouwverkeer op de rijbaan bevindt, dan dienen er inhaalmogelijkheden aanwezig te zijn in de vorm van passeerhavens of inhaalstroken. Zijn beide maatregelen niet mogelijk dan kan worden overwogen onderbroken asmarkering toe te passen in combinatie met een inhaalverbod uitgezonderd landbouwverkeer.
In het laatste geval is er echter sprake van een situatie die onder de minimale veiligheidseisen ligt en die bij voorkeur niet wordt toegepast. Als er geen oplossingsmogelijkheden zijn kan de functie van dit wegtype worden heroverwogen. Dit geldt uiteraard voor alle wegtypen waar niet wordt voldaan aan de eisen, maar vooral voor wegen waarop hoge snelheden voorkomen is het veiligheidsrisico vaak groter.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.1.2.
Gebiedsontsluitingsweg buiten de bebouwde kom
Onderdeel van Wegencategoriseringsplan en addendum