Naar hoofdinhoud
Gevraagde afwijkingen van het bestemmingsplan worden in mandaat door het team Omgevingsvergunningen afgehandeld en worden niet voorgelegd aan het college. In het verleden, toen de druk op de huizenmarkt nog niet zo groot was, werd in de motivering volstaan met een ruimtelijk, c.q. stedenbouwkundige motivering waarin werd verklaard waarom een gewenste afwijking wel (of juist niet) kon worden gehonoreerd. Tot voor kort was dit voldoende om de vergunning met succes door de bezwaarfase te loodsen. Inmiddels blijkt deze werkwijze niet meer te voldoen. Steeds vaker wordt het college er in de bezwaarfase op gewezen dat de motivering om af te wijken van het bestemmingsplan sterker moet worden onderbouwd. Het uitgangspunt hierbij is dat er sprake moet zijn van een ‘goede ruimtelijke ordening’ en een belangenafweging tussen de belangen van aanvrager enerzijds en die van buurtbewoners anderzijds dient plaats te vinden. Bezonning en schaduw zijn hierbij speerpunten.

Rechtspraak bij dit artikel