Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Verdeelregels subsidie amateurkunst

Onderdeel van Nadere regels Cultuurvisie gemeente Veenendaal

Om voor subsidie in aanmerking te komen moeten tenminste twee openbare optredens worden gegeven, dan wel vooraf afgesproken en vastgelegde activiteiten worden uitgevoerd. Als de afgesproken activiteiten niet of niet volledig worden uitgevoerd, kan de subsidie geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd. Een subsidie tot € 5.000,- wordt direct vastgesteld. Het is mogelijk dat op basis van het aantal aanvragen het totaal van de voor toekenning in aanmerking komende subsidiebedragen hoger uitvalt dan het vastgestelde subsidieplafond. In dat geval worden de toe te kennen subsidies met een gelijk percentage verlaagd, zodat budgetoverschrijding achterwege blijft. De raad stelt jaarlijks de begroting vast. Het college bepaalt daarbinnen jaarlijks het subsidieplafond voor amateurkunstbeoefening. Schema subsidies amateurkunst Kunstdiscipline Min. aantal leden Subsidiebedrag maximaal Instrumentale muziek, groot 40 € 15.000,- harmonieën + medewerking aan diverse activiteiten, zoals ondermeer Koningsdag, avondvierdaagse, 4 mei, Lampegietersavond Instrumentale muziek, klein 15 € 500,- overige bands Vocale muziek: koren 15 € 750,- bij 15-50 leden € 1.000,- bij 50-100 leden € 1.500,- bij > 100 leden Toneel/Muziektheater 15 € 3.000,- Overige cultuuruitingen 15 € 500,- Instellingen zonder leden 0 € 1.500,- Westerkerkmuziek (voor afgesproken activiteiten) € 32.500,- Kunstplatform (voor afgesproken activiteiten)

Rechtspraak bij dit artikel