Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.6

Inrichtingskosten en fietsvergoeding voor nieuwkomers

Onderdeel van Uitvoeringsregels Bijzondere bijstand, Individuele inkomenstoeslag, Meedoenregelingen en Kindpakket 2020

Voor inrichtingskosten van nieuwkomers (statushouders) wordt 50% van de normbedragen overeenkomstig met het Nibud gehanteerd, omdat mensen bijvoorbeeld ook via Marktplaats tweedehands spullen kunnen aanschaffen. Het inboedeltegoed bestaat uit twee componenten: een lening en een bedrag ‘om niet’ in het kader van de PW. Naast de inrichtingskosten voor de woning kan een bijdrage van maximaal € 175,- worden verstrekt voor de aanschaf van een tweedehands fiets, omdat een goede fiets voor het bereiken van middelbare scholen onmisbaar is en voorliggend is op openbaar vervoer. De hoogte van het bedrag is vastgesteld op 50% van de normkosten van het Nibud. Voor kinderfietsen (basisschool) wordt geen vergoeding verstrekt. Reden hiervoor is dat basisscholen op loopafstand van de woning liggen. De kosten worden uitgekeerd wanneer een betaalbewijs kan worden overhandigd. De aanvraag voor een fiets moet binnen 3 maanden na vestiging in de gemeente worden ingediend. Toelichting op de fietsvergoeding: De fietsvergoeding wordt niet opgeteld bij het inrichtingsbudget. 1. De fietsvergoeding kan tot drie maanden na aankomst in de gemeente worden aangevraagd. 2. Bij de aanvraag moet een offerte of factuur worden ingediend, zodat de hoogte van de bijstand kan worden vastgesteld. 3. Het betreft een bedrag tot maximaal € 175,00 euro per fiets voor een volwassene of voor een kind dat naar de middelbare school gaat.

Rechtspraak bij dit artikel