Naar hoofdinhoud
1.. De ten onrechte of tot een te hoog bedrag verstrekte uitkering die aan een gezin is verleend, worden van alle gezinsleden teruggevorderd. 2.. Als de uitkering als gezinsbijstand aan gehuwden had moeten worden verleend, maar dat achterwege is gebleven omdat de inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk is nagekomen, worden de kosten van bijstand mede teruggevorderd van de persoon met wiens middelen als bedoeld in paragraaf 3.4 van de PW bij de verlening van de uitkering rekening had moeten worden gehouden. 3.. Als de uitkering terecht als gezinsbijstand aan gehuwden is verleend, maar de belanghebbende toch de verplichtingen, bedoeld in artikel 17 van de PW of artikel 30c, tweede en derde lid van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet of niet behoorlijk is nagekomen, kunnen de kosten van de bijstand mede worden teruggevorderd van de persoon met wiens middelen als bedoeld in paragraaf 3.4 van de PW bij de verlening van de bijstand rekening had moeten worden gehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel