Het is verboden een incidentele festiviteit binnen een inrichting, niet zijnde een horeca- en/of recreatie-inrichting te organiseren, als bedoeld in artikel 4, lid 2, toe te laten dan wel feitelijk te leiden indien de houder van de inrichting verzuimt de hiernavolgende voorschriften na te leven:
Ten tijde van een incidentele festiviteit dient het ten gehore brengen van extra muziek/geluid – hoger dan de geluidsnorm als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit – uiterlijk om 01.00 uur te zijn beëindigd;
Ten tijde van een incidentele festiviteit mag het maximaal toegestane LAr,LT, zoals geldend op basis van het Besluit, op een afstand van 25 meter vanaf de grens van de inrichting met niet meer dan 15 dB(A) worden overschreden; daarbij mag bovendien geen sprake zijn van overmatige hinder als bedoeld in artikel 5, lid 2;
Ten tijde van een incidentele festiviteit mogen tijdens het ten gehore brengen van muziek en/of spraak via een geluidsinstallatie de toegangsdeuren van de inrichting niet geopend zijn, anders dan voor het direct doorlaten van personen en/of goederen; de toegangsdeuren mogen niet in geopende stand worden vastgezet, moeten zelfsluitend zijn uitgevoerd en dienen zacht te sluiten;
Ten tijde van een incidentele festiviteit mogen tijdens het ten gehore brengen van muziek en/of spraak via een geluidsinstallatie ramen in de buitenwanden van de inrichting niet geopend zijn; de glasbezetting mag op dat moment evenmin geheel of gedeeltelijk gebroken of beschadigd zijn;
Ten tijde van een incidentele festiviteit is het gebruik van geluidsboxen aan de gevels en/of in raam- c.q deuropeningen van inrichtingen niet toegestaan;
Vijf dagen voorafgaand aan een incidentele festiviteit dienen omwonenden in de directe omgeving van de inrichting schriftelijk in kennis gesteld te worden van aard, datum, aanvangstijd en duur van die festiviteit.
Artikel 7