Naar hoofdinhoud
1.. De ambtenaar van de burgerlijke stand wordt door het college voor een in het benoemingsbesluit te bepalen periode benoemd. Deze periode betreft maximaal het tijdvak waarin de ambtenaar werkzaam is in gemeentedienst. 2.. De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand wordt door of namens het college voor een in het benoemingsbesluit te bepalen periode benoemd. Tot buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand kunnen worden benoemd: personen al dan niet werkzaam bij de gemeente, voor het gebruikelijk voltrekken van huwelijken en partnerschapsregistraties, 1ste periode benoeming is drie jaar, daarna mogelijkheid tot verlenging; personen, al dan niet werkzaam bij de gemeente, voor het voltrekken van een bepaald huwelijk of partnerschapsregistratie, benoeming voor één dag; leden van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad, gedurende de zittingsperiode; 3.. Het minimum aantal ambtenaren van de burgerlijke stand is twee. 4.. De bevoegdheid bedoeld in artikel 2 lid 1 is gemandateerd aan de Manager en Teamcoach Publiek domein, zodat deze namens het college de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand kan benoemen. 5.. Een verzoek als bedoeld in het voorgaande lid kan niet worden ingediend in geval het een spoed-, bijzonder huis- of kosteloos rechtsfeit betreft.

Rechtspraak bij dit artikel