**1..** Het verzoek van de debiteur tot een betalingsregeling of betalingsvoorstel kan door het college worden afgewezen indien de klant beschikt over vermogen dat, gelet op de omstandigheden van klant, redelijkerwijs te gelde kan worden gemaakt.
**2..** Niet als vermogen wordt in aanmerking genomen: het aanwezige vermogen voor zover dit minder bedraagt dan de vermogensgrens zoals genoemd in artikel 34 lid 3 Participatiewet.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10.
Aflossingscapaciteit en vermogen
Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz gemeente Doesburg 2020