**8.1.** De vaststelling en verantwoording van subsidie vindt plaats op basis van het werkelijke aantal bezette peuterplaatsen. Daaronder wordt verstaan het aantal werkelijk afgenomen uren per werkelijk bezette peuterplaats voor maximaal 40 weken in het kalenderjaar (regulier en VE/geïndiceerde peuters) op basis van een door de gemeente ontwikkeld registratieformulier en vastgesteld met een accountantsverklaring, aanvullend aan de in de ASV opgenomen verplichtingen rondom eindverantwoording.
**8.2.** Uiterlijk 1 mei van het jaar, volgend op het jaar waarin de subsidie is besteed, rapporteert de houder van de gecertificeerde voorschoolse voorziening over het totaal van de hiervoor vermelde per kwartaal verkregen gegevens.
**8.3.** Indien bij vaststelling blijkt dat er sprake is van minder bezette VE- of reguliere peuterplaatsen (het aantal afgenomen uren per werkelijke bezette peuterplaats regulier en VVE), wordt het teveel aan verleende subsidie teruggevorderd.
**8.4.** Wanneer bij de verantwoording blijkt dat het aantal daadwerkelijk deelnemende geïndiceerde peuters bedoeld in artikel 6.5, meer dan 50% afwijkt t.o.v. het aangevraagde aantal, gaat de gemeente met de desbetreffende organisatie in gesprek over de reden van afwijking ten aanzien van de aanvraag.
Artikel 8
Vaststelling subsidie
Onderdeel van Nadere regels subsidie voor Peuteropvang en Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) 1 april 2020 gemeente Borger-Odoorn