Naar hoofdinhoud

2

Artikel 2.3.1

Deelname collectief vervoer

Onderdeel van Beoordelingskader Hulpmiddelen, woonvoorzieningen en vervoersvoorzieningen

Om in aanmerking te komen voor deelname aan het collectief vervoer moet men aan een van de volgende criteria voldoen: het niet zelfstandig kunnen bereiken van de bushalte (richtlijn stadsgebied 400 m, buitengebied 800 m); het op grond van fysieke beperkingen niet kunnen overbruggen van de wachttijden bij de bushalte; het niet kunnen maken van de instap in de bus; het fysiek niet in staat zijn langere tijd te zitten of de beweging van de bus te doorstaan; het op grond van cognitieve beperkingen niet in staat zijn om zonder begeleiding gebruik te maken van het openbaar vervoer. Hiervoor wordt een minimum leeftijdsgrens van 10 jaar gehanteerd, waarbij ervan wordt uitgegaan dat kinderen onder de 10 jaar altijd onder begeleiding gebruik maken van het openbaar vervoer; de aanwezigheid van sociaal/ psychische factoren ten gevolge waarvan de privacy of de veiligheid van cliënt of medepassagiers niet is gegarandeerd. Voorbeelden: oncontroleerbare bewegingen; privacygevoelige zaken die een extreme schaamte of gene ten gevolge hebben voor cliënt; extreme gedragsstoornissen; extreme fobieën, die ook na uitvoerige therapeutische begeleiding niet zijn te verhelpen. Binnen de gemeentegrenzen van Zwolle kan men met het collectief vervoer onbeperkt reizen. Voor vervoer buiten de gemeentegrens kan op basis van een jaarlijks vastgesteld budget worden gereisd voor afstanden tot maximaal 25 kilometer vanaf het woonadres. Bij overschrijding van het budget kan in uitzonderlijke gevallen een verhoogd budget worden toegekend. Men kan voor een verhoging van het budget in aanmerking komen wanneer: er zonder de contacten buiten de gemeentegrens sprake is van dreigende vereenzaming; er binnen de gemeentegrens geen bruikbaar alternatief is voor de uit te voeren activiteit en de activiteit van wezenlijk belang is voor de cliënt.

Rechtspraak bij dit artikel