Voor de toepassing van het coffeeshopbeleid – in het bijzonder de Harderwijkse gedoogcriteria – wordt onder de hierna volgende begrippen verstaan:
“coffeeshop”:
“de horeca-inrichting, zijnde een gesloten ruimte, waar met een vergunning van de burgemeester alcoholvrije dranken worden verkocht en waar verkoop (en gebruik) van softdrugs als bedoeld in dit coffeeshopbeleid (hoofdstuk 5 onder c) plaatsvindt op grond van een daartoe door de burgemeester verleende gedoogverklaring. Een coffeeshop kan niet bestaan uit uitsluitend een loket of afhaalpunt”.
“inrichting”:
“het lokaal c.q. de fysieke ruimte – met inbegrip van de niet voor het publiek toegankelijke delen3 Dit geldtniet voor de woonruimte of woonruimten die zich bij de inrichting bevindt, voor zover deze woonruimte niet(mede) een rol speelt bijde bedrijfsvoering van de coffeeshop. daarvan (o.a. het kantoor, magazijn, etc.) – waarin de coffeeshop wordt geëxploiteerd”.
“degenen die in de stichting participeren”:
de leden van het bestuur van de stichting en indien van toepassing leden van de raad van toezicht, de feitelijke exploitant en de overige leidinggevende(n), die allen op de gedoogverklaring en exploitatievergunning staan vermeld. De feitelijke exploitant en de leidinggevende(n) exploiteren vanuit de stichting (feitelijk) de coffeeshop.
“degenen die vanuit de stichting de coffeeshop feitelijk exploiteren”:
de feitelijk exploitant en overige leidinggevende(n), die op de gedoogverklaring en exploitatievergunning staan vermeld.
“formele exploitant”:
de stichting waaraan de gedoogverklaring en exploitatievergunning is verleend.
“feitelijke exploitant”:
de natuurlijke persoon die door het bestuur van de stichting is aangewezen als verantwoordelijke voor de bedrijfsvoering van de coffeeshop, en die onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van de coffeeshop, en die als zodanig op de gedoogverklaring en exploitatievergunning staat vermeld.
“leidinggevende(n)”:
de natuurlijke persoon of personen die naast de feitelijke exploitant onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent of uitoefenen in de coffeeshop en die als zodanig op de gedoogverklaring en exploitatievergunning staat of staan vermeld.
“personeel”:
de natuurlijke personen die dienst doen ten behoeve van de coffeeshop, waaronder de feitelijk exploitant en overige leidinggevenden.
“bezoeker”:
een ieder die zich in de inrichting bevindt, met uitzondering van: 1 de feitelijke exploitant en overige leidinggevenden;
Artikel 4.2