Naar hoofdinhoud
De burgemeester beschikt bij zijn bevoegdheidstoepassing in het kader van de handhaving beoordelingsvrijheid. Indien bijzondere omstandigheden aanleiding geven om af te wijken van dit beleid, dan dient de burgemeester zijn inherente afwijkings- bevoegdheid op grond van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht toe te passen. De stappen in het handhavingsarrangement gelden daarbij te allen tijde als uitgangspunt. Als de feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven, kan de burgemeester afwijken van deze uitgangspunten. Zo kan worden besloten om een stap uit het handhavingsarrangement over te slaan en niet eerst te waarschuwen, terwijl dit wel in het stappenplan is opgenomen, maar meteen tot een maatregel over te gaan. Ook kan besloten worden om wegens bijzondere omstandigheden juist een lichtere maatregel te treffen dan het handhavingsarrangement voorschrijft. Tevens kan in voorkomend geval, afhankelijk van de aard, ernst en omvang van de overtreding een tussenstap gelden. De burgemeester kan bijvoorbeeld dan ook een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang opleggen. Bij een besluit, waarin wordt afgeweken van het handhavingsarrangement, wordt die afwijking expliciet gemotiveerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel