Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 9.

Draagkrachtperiode

Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere bijstand 2020 Veere

De draagkracht in het inkomen wordt eenmalig vastgesteld voor een periode van 12 maanden, vanaf de eerste dag van de maand waarin de aanvraag voor bijzondere bijstand wordt ingediend of waarop de bijstandsverlening betrekking heeft. Voor de vaststelling van de draagkracht als bedoeld in het eerste lid wordt de draagkracht die is vastgesteld per maand toegerekend naar een periode van 12 maanden. In afwijking van lid 1 en 2 wordt voor een belanghebbende met een periodieke bijstandsuitkering de draagkrachtperiode gesteld op de duur dat de belanghebbende een bijstandsuitkering ontvangt. De vastgestelde draagkracht als bedoeld in lid 2 wordt in het geval van incidentele bijzondere bijstand in één keer in mindering gebracht op de verstrekking. In geval van periodieke verlening van bijzondere bijstand wordt de draagkracht gespreid over de maanden waarover de bijzondere bijstand wordt verstrekt en naar evenredigheid in mindering gebracht op de periodieke verstrekking.

Rechtspraak bij dit artikel