Artikel 4 lid 10 bijlage II Bor
het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:
de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen;
b.de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden,
de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en
de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was.
Harderwijk voert al jarenlang een consequent handhavingsbeleid uit. Iedereen die na
10 september 1997 in een recreatiewoning gaat wonen, wordt aangeschreven de bewoning te staken. Er zijn persoonsgebonden gedoogbeschikkingen afgegeven voor die genen die konden aantonen er al vóór 10 september 1997 te wonen en er al die tijd onafgebroken gewoond hebben. Behalve die groep, worden er geen nieuwe persoonsgebonden ontheffingen meer verleend.
In de recent vastgestelde bestemmingsplannen voor recreat ieterreinen is het recreatieve gebruik, niet zijnde bewoning, nog steeds uitgangspunt. De gronden en gebouwen zijn bestemd voor recreatieve doeleinden, (permanente) bewoning is niet toegestaan.
Gelet op het bovenstaande, hanteren wij als beleidsregel dat wij geen omgevingsvergunning voor afwijking bestemmingsplan op basis van dit artikel verlenen.
Artikel 5.10