De benoeming van de onafhankelijke leden als genoemd in artikel 3, eerste lid, geschiedt door het college.
De onafhankelijke leden treden na verloop van een periode, die gelijk loopt met de zittingsperiode van het college, af. Zij zijn onmiddellijk herbenoembaar.
Het college kan, indien daartoe gewichtige redenen bestaan, een lid ontslaan.
Een lid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan het college.
Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als zijn opvolger is benoemd.
Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist het college zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van het bepaalde in artikel 3.
Het college kan de secretaris te allen tijde (tussentijds) ontslaan uit zijn functie als secretaris. De zittingsduur van de secretaris eindigt in ieder geval bij beëindiging van de functie binnen de afdeling Maatschappelijke Ontwikkeling op grond waarvan hij is benoemd tot secretaris.
Hoofdstuk
Artikel 5
Benoeming, zittingsduur en vacatures
Onderdeel van Instellings- en mandaatbesluit commissie Culturele Zaken