Een commissielid wordt per bijgewoonde vergadering een vergoeding van € 195,51 toegekend als:
het commissielid op grond van zijn bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie is aangetrokken en/of
het commissielid een vergoeding ontvangt die niet geacht kan worden in een redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de door hem te verrichten arbeid.
Het bepaalde in lid 1 is van toepassing op het door een commissielid bijwonen van een vergadering van:
de rekenkamercommissie;
de raadscommissie Samenleving;
de raadscommissie Ruimte;
de auditcommissie.
De vergoeding zoals bedoeld in het eerste lid, wordt per 1 januari van elk jaar gewijzigd overeenkomstig de ministeriële regeling bedoeld in artikel 3.4.1 van het Besluit rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers.
Artikel 4.
Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden)
Onderdeel van Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Heerde 2020