De voorzitter kan voorzieningen voor openbaar vervoer beëindigen of beperken, indien deze voorzieningen niet of niet in voldoende mate voldoen aan de eis van verwezenlijking van de beperkende maatregelen met betrekking tot het houden van 1,5 meter afstand tussen alle in de voorziening aanwezige personen, of aan het op adequate wijze zichtbaar duidelijk maken daarvan.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.6.
Beëindiging voorziening openbaar vervoer
Onderdeel van Noodverordening COVID-19 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland 26 maart 2020