Het verbod op samenkomsten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid geldt niet voor bestaande markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder g van de Gemeentewet mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
de marktkramen dienen zodanig te zijn opgesteld dat de veilige afstand als bedoeld in artikel 2.2. redelijkerwijs in acht kan worden genomen tussen personen die zich op de markt en in de aanliggende gebieden bevinden;
kan op een markt redelijkerwijs niet worden voldaan aan de voorwaarden als bedoeld onder a., dan worden marktkramen met non-food uitgesloten van deelname aan de markt en is enkel de verkoop van levensmiddelen toegestaan;
het bepaalde in artikel 2.3, eerste lid, aanhef en onder a en tweede lid is mede van toepassing op marktkramen waar eet- en drinkwaren worden verkocht;
zit- of staanmeubilair en andere uitstallingen buiten de marktkraam zijn niet toegestaan;
leegstaande en/of vrije marktplaatsen blijven leeg en worden niet aan anderen aangeboden of uitgegeven;
de organisatie van de markt plaatst bij alle toegangen van de markt waarschuwingsborden waarop personen worden attendeert op het in acht nemen 1,5 meter afstand tot andere personen op de markt;
de marktkraamhouder zorgt er zoveel mogelijk voor dat personen bij zijn marktkraam 1,5 meter afstand tot elkaar en andere personen op de markt aanhouden en treft de daarvoor noodzakelijke maatregelen;
de organisatie van de markt houdt toezicht op de naleving van de voorwaarden als bedoeld in dit artikel en reguleert daartoe indien noodzakelijk de toestroom tot en doorstroom op de markt;
de voorzitter van de veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid kan te allen tijde besluiten dat markten direct worden beëindigd of de daaraan verbonden voorschriften wijzigen als de situatie daartoe aanleiding geeft.