Naar hoofdinhoud
Na afronding van de beraadslaging over het agendapunt volgt de besluitvorming. De voorzitter inventariseert eerst of ten aanzien van hetgeen waarover besluitvorming wordt gevraagd (amendement, raadsbesluit of motie), een raadslid een stemverklaring wenst af te leggen. Een stemverklaring is kort en zakelijk. Na het afleggen van eventuele stemverklaringen, inventariseert de voorzitter of er behoefte is aan stemming. Indien een raadslid stemming wenst, maakt hij dit kenbaar door zichtbaar in beeld zijn hand, of pen, op te steken (visueel) en meldt dit mondeling bij de voorzitter. Indien geen stemming wordt gevraagd, wordt geacht dat het voorstel unaniem is aangenomen. Indien door 1 of meerdere raadsleden wel om stemming wordt gevraagd, vindt stemming in een video-vergadering altijd hoofdelijk plaats. Bij hoofdelijke stemming wordt de microfoon van alle raadsleden ingeschakeld. De voorzitter (of griffier) roept de leden van de raad op alfabetische volgorde bij hun naam. Het raadslid maakt mondeling zijn stem kenbaar door vóór of tegen uit te spreken. De voorzitter (of griffier) gaat pas over tot het uitspreken van een volgende naam indien er geen misverstand kan ontstaan over de mondelinge wilsuitdrukking van het raadslid. Bij een schriftelijke stemming wordt aan ieder raadslid een stembriefje (per e-mail) gezonden. Na afloop van de digitale vergadering waarin het agendapunt besproken is, worden de stembriefjes door ieder raadslid ingeleverd bij de griffie. De echtheid van de stem moet dan door de voorzitter kunnen worden gecontroleerd. De voorzitter bepaalt wanneer de stembriefjes bij de griffie moeten zijn ontvangen en maakt de uitslag van de stemming zo spoedig mogelijk na dit tijdstip openbaar.

Rechtspraak bij dit artikel