Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 5.

Verlaging woonsituatie

Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren

Indien de jongere geen aantoonbare eigenaarslasten van de zelfbewoonde woning, (onder)huurlasten of kosten heeft die voortvloeien uit een kostgangersovereenkomst, verlagen burgemeester en wethouders de toeslag zodanig, dat de jongere alleen de beschikking heeft over de van toepassing zijnde norm danwel 80% van het bedrag vermeld in artikel 28 lid 2 sub d van de wet; Het eerste lid is niet van toepassing op degene die daadwerkelijk inwonend is bij zijn ouder(s); Indien kosten worden gedeeld met een derde die niet het hoofdverblijf heeft in dezelfde woning, waardoor belanghebbende lagere algemene kosten van bestaan heeft dan waarin de norm of de toeslag voorziet, wordt de toeslag als bedoeld in artikel 3, vastgesteld op 50% van het in artikel 25, tweede lid van de wet genoemde bedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel