Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9

Termijnen van de betaling

Onderdeel van Verordening Bedrijveninvesteringszone Centrum Borger 2020-2024

1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 2.. In gevallen bedoeld in het eerste lid, geldt in afwijking van het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zoveel gelijke termijnen als er na de maand van dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal termijnen ten minste vier en ten hoogste acht bedraagt. De eerste termijn vervalt één maand na dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen een maand later. 3.. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Rechtspraak bij dit artikel