Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 3

Artikel 5

Gronden tot terugvordering

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering en verhaal Participatiewet Bloemendaal 2020

1.. Het college vordert bijstand terug van de belanghebbende voor zover deze bijstand: ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend; in de vorm van een geldlening is verleend en de uit de geldlening voortvloeiende verplichtingen niet of niet behoorlijk worden nagekomen; voortvloeit uit effectuering van een borgstelling; bij wijze van voorschot is verleend en nadien is vastgesteld dat geen recht op bijstand bestaat, dan wel de bijstand wordt vastgesteld op een lager bedrag dan het reeds toegekende voorschot; anderszins onverschuldigd is betaald voor zover de belanghebbende dit redelijkerwijs had kunnen begrijpen; anderszins onverschuldigd is betaald, waaronder begrepen dat: de belanghebbende met betrekking tot de periode waarover bijstand is verleend, over in aanmerking te nemen middelen beschikt of kan beschikken; bijstand is verleend met een bepaalde bestemming en naderhand door de belanghebbende vergoedingen of tegemoetkomingen worden ontvangen met het oog op die bestemming; 2.. Als bedrijfskapitaal is toegekend op grond van de artikelen 20 en 24 Bbz en betrokkene voldoet ook na zijn tweede aanmaning niet aan zijn rente- en aflossingsverplichtingen vordert het college terug. 3.. Het college vordert tevens terug voor zover er sprake is van verwijtbare bedrijfsbeëindiging. Hiervan is sprake bij: bestuursaansprakelijkheid, privébestedingen die niet in lijn liggen met de inkomsten en een inkomen op bijstandsniveau en er zijn geen omstandigheden die bovenstaande rechtvaardigen. 4.. De lening onder 2 en 3 wordt gecontinueerd tegen dezelfde condities als het bedrijfskapitaal is verstrekt. Dat betekent met hetzelfde aflossingsbedrag en rentetarief. 5.. Terugvordering als bedoeld onder het eerste lid, onder e, vindt niet plaats, als de betreffende kosten van bijstand zijn gemaakt meer dan twee jaar vóór de datum van verzending van het besluit tot terugvordering. 6.. Het college vordert na ontvangst van een signaal de door haar ten onrechte of tot een te hoog bedrag verstrekte uitkering niet terug, voor zover deze uitkering ook zes maanden na ontvangst van dit signaal nog onterecht of tot een te hoog bedrag is verleend, tenzij in dit kader de inlichtingenplicht is geschonden.

Rechtspraak bij dit artikel